BRUISEND MEULESTEE

Zulke vriendelijke mensen dat het daar zijn in Meulestee. U komt ergens binnen en gij krijgt er meteen een vriendelijke goedendag en een gratis pannenkoek.

Ik was aanwezig een paar weken geleden op Meulestedekermis. Smet en Fred, twee lokale bewoners, hadden daar een velokoers georganiseerd waar iedereen mocht aan deelnemen, zelfs kleuters en honden en oude peten en meten, echt waar. Een puik en democratisch initiatief. Smet en Fred hadden een micro en speelden twee wielercommentatoren waarnaast de reputatie van Fred De Bruyne en Michel Wuyts geheel verbleekte, en dit omdat ze nog meer overdreven dan laatstgenoemden en toch namen zij hun taak terecht ernstig, want zelfs in de parodie moet er altijd een deel ernst schuilen. Een komiek mag bijvoorbeeld nooit om zijn eigen moppen lachen. Die gasten lieten van die typische coureurszinssneden op het publiek los: ‘opgelet, beste sportliefhebbers: daar alweer een snoeiharde demarrage van de kleine Kelly die met zijn zeven jaar nu reeds een wielerlegende belooft te worden!’ Alsof het hier echt een koers betrof. Maar dat was het niet, het was een koers voor de lol en toch straalde er een serieux af van het hele gebeuren. Dat vond ik uiterst belangrijk, dat het leutig was, maar niet om mee te lachen. Proficiat, dus, Smet en Fred, en hopelijk tot volgend jaar, als het god belieft. Er was niet al te veel volk, maar zoals u allen weet zijn de Gentse feesten ook begonnen met drie man en een paardenkop op een bierbak. Na de koers was het tijd voor luim en verzet. Ik liet de feestende bende even achter om te gaan mijmeren aan de vuile, geradbraakte kade van de oude haven aldaar. Lang geleden had mijn nonkel Miele hier een café, Het Brouwershuis. En ook mijn tante Louise had hier een afspanning, vlak bij de kerk, De Gouden Appel. Maar die tijd heb ik niet meer meegemaakt. Meulestee moet in die tijd een bruisende haven geweest zijn, waar de mensen nog konden lachen. Maar na de oorlog hadden de Duitsers veel schade aangericht en het nieuwe grote kanaal naar Terneuzen werd gegraven en zoals dat gaat: Meulestede boerde achteruit. Allebei de café’s van mijn nonkel en tante werden afgebroken en ook de vele verkommerde werkmanshuizen gingen tegen de vlakte. In het kader van de vooruitgang werden er grote sociale appartementen opgetrokken omdat de politiekers in die tijd wilden dat de mensen daar op hun gemak zouden zitten in die blokken met hun wasmachine en hun kleurentelevisie met afstandsbediening en niet op café. Maar een mens leeft toch niet van brood alleen, zegt Jezus. Ja, het was Jezus die dat zei, geloof ik. Jezus zei nooit immers zomaar iets, en het was altijd ernstig bedoeld, hij zei eigenlijk nooit eens iets om mee te lachen, Jezus. Maar goed, de versleten straten van het goede oude Meulestee waar niemand meer wilde wonen worden straks weer proper gemaakt, er komt een schone velobaan, er komen allemaal dingen die goed zijn in Meulestede, zeggen de politiekers. Ik heb een theorie over de politiek: wat politiekers eigenlijk voortdurend moeten doen, dat zijn de fouten uit het verleden proberen oplossen waardoor ze geen tijd hebben om de problemen van nu op te lossen zodat de volgende generatie politiekers de fouten van de huidige bewindvoerders in de toekomst dan weer moet zien op te lossen, zodat ze altijd maar blijven aanmodderen natuurlijk. Gelukkig is nog niet alles kapot, er is nog veel over van vroeger. Ik trad binnen in het prachtige café van het cultureel centrummetje aldaar en weet u wie er volgende maand een culturele uiteenzetting komt houden? De grote Kurt van Eeghem: een cultuurdrager om u tegen te zeggen. De bazin van het café leidde mij rond in het grote oude gebouw. Boven het café is er een prachtige theaterzaal, die op instuiken staat. Maar er zijn plannen om alles te herstellen, er is hoop voor Meulestee. Ik weet het wel, een Graslei, of een Kouter zal het daar nooit worden. Maar kom ook eens naar Meulestee. Vriendelijk dat de mensen daar zijn!

LUC DE VOS